Vertaalwedstrijd
en vertaalavond 2012
Dante Alighieri Amsterdam en Libreria Bonardi, Amsterdam
woensdag 18 januari 2012, 20.00 - 22.00 uur
onder leiding van Manon Smits
Manon Smits koos voor de vertaalwedstrijd een fragment uit Così
in terra van Davide Enia (verschijnt eind januari 2012 in Italië).
Om
amateurvertalers een eerlijke kans te bieden, hebben wij gemeend de deelnemers
in twee categorieën in te delen: de categorie amateurvertalers en de
categorie professionele vertalers.
ITALIAANSE
TEKST
[ Palermo,
de bus naar het strand. De 17-jarige Davidu zit naast Gerruso. Ze hebben
op het strand afgesproken met Nina, het meisje op wie Davidu verliefd is
en dat hij vijf jaar niet gezien heeft. Ze is een nichtje van Gerruso, en
dat is ook de enige reden waarom Davidu diens gezelschap duldt.]
"A
me piacciono 'ste date qua: sette settembre, otto ottobre, le date così."
"Ho capito."
"No, che non hai capito, tu non capisci mai niente."
"Invece 'sta volta sì
trentasette."
"Fammi un esempio."
"Ti piace
trentotto!"
"Smettila di contare."
"Ti piace
il ventisette dicembre!"
"Gerruso".
"Ho indovinato?"
"Tu non hai idea di quanto io ti detesto."
"Ma perché ho sbagliato? È una bella data il ventisette
dicembre."
"Non c'entra niente con quello che dicevo io! Sette settembre, capisci?
Otto ottobre, nove novembre e
"
"È il compleanno di Nina il ventisette dicembre."
"Ma va?"
"Sì. Trentanove!"
"Gerruso, smettila di contare le buttane."
"Quaranta! Ma quante sono?"
"Assai."
"Come mai?"
"C'è tanto bisogno di amore."
"A me piace più Mondello di Capo Gallo, c'è la sabbia."
"Lo sapevo, sei un debole. La sabbia piace alle femmine, il vero maschio
ama rocce e scogli. Ma quando hai intenzione di crescere?"
"Presto, se tu mi insegni."
"E perché dovrei insegnarti?"
"Siamo amici, Davidù."
"Gerruso, noi non siamo amici. Hai capito?"
"Si."
"Ripetimelo."
"Noi non siamo amici, quarantuno!"
"Gerruso. Che c'è? Perché mi stai taliàndo accussì?"
"Nina."
"Che c'entra Nina?"
"Ti piace?"
"Chi? Cosa? Che le hai detto al telefono, Gerruso? Raccontami tutta
la telefonata per filo e per segno! Ora! Che le hai detto? Che mi piace?
Te l'ha detto lei? Ci piaccio io a Nina? Che t'ha detto? L'hai invitata
a Capo Gallo e basta, come io t'ho ordinato, o facìsti al solito
di testa tua? Che vi siete detti? Le piaccio? Rispondimi, Gerruso, Cristo!"
"Io, come mi hai detto tu, ho fatto."
"Sicuro?"
"Sì."
"Sicuro sicuro?"
Saltellavo sulle punte dei piedi, scoprendo la difficoltà del mantenimento
di un corretto equilibrio su un autobus in movimento.
"No."
"No? Come no? No?"
"No."
"Gerruso. Cosa. Minchia. Hai detto. A Nina."
"L'ho invitata a mare e
quarantadue!"
"Smettila di contare le pulle e rispondimi."
"Le ho chiesto di portarsi pure un'amica che visto che c'ero io ma
anche tu per non lasciarti da solo visto che Nina è mia cugina e
mi vuole bene e magari si passa tutto il tempo con me, allora io le ho chiesto
di portarsi un'amica, per te, così magari non ti annoi, ecco."
La luce filtrava dai rami intrecciati fuori dai vetri dell'autobus, disegnando
chiaroscuri sul volto di Gerruso.
"E perché non mi hai detto nulla?"
"Volevo farti una sorpresa."
"Nina viene, giusto?"
"Sì."
"Sicuro?"
"Sì."
"Come fai a esserne sicuro?"
"È mia cugina, mi vuole bene vero lei, ma perché ti interessa
tanto?"
"Ma chi? Lei? Ma se nemmanco mi ricordo come è fatta."
"Mi hai promesso che mi insegni il tuffo a testa."
"Gerruso, non è per niente facile."
"Hai promesso. Quarantatre!"
Dopo altre dodici buttane contate da Gerruso lungo la strada, alle 9,15
arrivammo al capolinea. L'appuntamento era per le 11.
"E ora che facciamo?"
"Quello che vuoi, basta che ti stai zitto."
"Tu che fai?"
"Sto zitto e talìo il mare."
"E cosa vedi?"
"Acqua."
"Te la posso dire una cosa?"
"No."
"Peccato, è che stanotte
"
"Gerruso, quale parte di "no" ti è di difficile comprensione?"
"Quando arriva Nina posso parlare?"
"Lo stretto indispensabile."
"Grazie."
"Prego."
"No, è che ti volevo dire."
"È così urgente?"
"No, forse no."
"Allora zìttute fin quando non s'arricampa Nina."
"Sì, ce la posso fare."
"Tutto buono e benedetto."
"È che ti ho sognato."
"Chi?"
"Io."
"Quando?"
"Stanotte."
"Ma va?"
"Sì."
"A me?"
"A te."
VERTALING WINNAAR
AMATEURS: GERDIEN SMIT
'Ik
vind dit soort data mooi: 9 september 2009, 10 oktober 2010, zulke data.'
'Ik snap 't.'
'Nee, dat snap jij helemaal niet, jij snapt nooit iets.'
'Maar nu dus wél... 37.'
'Geef dan eens een voorbeeld.'
'Wat jij mooi vindt
38!'
'Kappen nu met tellen.'
'Wat jij mooi vindt
27 december!'
'Gerruso.'
'Heb ik het goed?'
'Je hebt geen benul hoe zo'n hekel ik heb aan jou.'
'Maar hoezo heb ik het verkeerd? 27 december is toch een mooie datum.'
'Het heeft niets te maken met wat ik net zei! 9 september 2009, snap je?
10 oktober 2010, 11 november 2011 en
'
'Nina is op 27 december jarig.'
'Heus?'
'Ja. 39!'
'Gerruso, kappen nu met snollen tellen.'
'40! Hoeveel zijn het er wel niet?'
'Heel wat.'
'Hoe komt dat?'
'Er is nu eenmaal veel behoefte aan liefde.'
'Ik vind Mondello mooier dan Capo Gallo omdat er zand ligt.'
'Ik wist het, je bent een watje. Vrouwen vinden zand mooi; echte mannen
houden van rotsen en klippen. Wanneer word je eens volwassen, joh?'
'Gauw, als jij me helpt.'
'En waarom zou ik jou moeten helpen?'
'Omdat we vrienden zijn, Davidù.'
'Gerruso, wij zijn geen vrienden. Begrepen?'
'Ja.'
'Zeg het me na.'
'We zijn geen vrienden, 41!'
'Gerruso. Wat is er? Waarom zit je me zo aan te loeren?'
'Nina.'
'Wat heeft Nina ermee te maken?'
'Vind je haar leuk?'
'Wie? Wat? Wat heb je haar over de telefoon gezegd, Gerruso? Vertel me het
hele telefoongesprek van A tot Z. Nu! Wat heb je tegen haar gezegd? Dat
ik haar leuk vind? Heeft ze dat soms gezegd? Vindt Nina mij leuk? Wat heeft
ze tegen jou gezegd? Heb je haar voor Capo Gallo uitgenodigd en verder niets,
zoals ik je gevraagd heb, of ben je gewoon weer je eigen gang gegaan? Wat
hebben jullie tegen elkaar gezegd? Vindt ze mij leuk? Geef eens antwoord,
Gerruso, Jezus Christus nog aan toe!'
'Ik heb gedaan wat je me gevraagd hebt.'
'Echt?'
'Ja.'
'Echt waar?'
Ik wiebelde op mijn tenen heen en weer en merkte hoe moeilijk het is om
je evenwicht in een rijdende bus te bewaren.
'Nee.'
'Nee? Hoezo nee? Nee?'
'Nee.'
'Gerruso. Wat. Heb je. Godsamme. Gezegd. Tegen Nina.'
'Ik heb haar voor het strand uitgenodigd en... 42!'
'Kappen nu met temeiers tellen en geef antwoord.'
'Ik heb haar gevraagd om ook een vriendin mee te nemen omdat, behalve ik,
jij er ook nog zou zijn en ik je niet alleen wil laten, en omdat Nina mijn
nichtje is en ze dol op mij is en daarom misschien wel de hele tijd met
mij doorbrengt, heb ik haar maar gevraagd om een vriendin voor jou mee te
nemen, zodat je je niet hoeft te vervelen, daarom dus.'
Het licht dat buiten werd gefilterd door ineengestrengelde takken, creëerde
door de busramen een clair-obscur op het gezicht van Gerruso.
'En waarom heb je me daar niets over verteld?'
'Ik wilde je verrassen.'
'Nina komt toch, nietwaar?'
'Ja.'
'Echt?'
'Ja.'
'Hoe weet je dat zo zeker?'
'Ze is mijn nichtje, ze is echt dol op me, maar waarom ben je zo geïnteresseerd
in haar?'
'In wie? Nina? Ik weet amper nog hoe ze eruit ziet.'
'Je hebt beloofd dat je me leert duiken.'
'Gerusso, dat is helemaal niet makkelijk.'
'Je hebt het beloofd. 43!'
Nadat Gerusso nog eens twaalf snolletjes langs de kant van de weg had geteld,
kwamen we om 9.15 uur aan bij de eindhalte van de bus. We hadden om 11.00
uur afgesproken.
'En wat gaan we nu doen?'
'Wat jij wilt, als je je mond maar houdt.'
'En wat ga jij doen?'
'Ik hou m'n mond en kijk naar de zee.'
'En wat zie je?'
'Water.'
'Mag ik iets zeggen?'
'Nee.'
'Jammer, want vannacht
'
'Gerruso, welke gedeelte van "nee" vind je moeilijk te begrijpen?'
'Als Nina er is, mag ik dan wel wat zeggen?'
'Alleen het strikt noodzakelijke.'
'Bedankt.'
'Alsjeblieft.'
'Nee, maar wat ik je wilde zeggen.'
'Is het echt zo dringend?'
'Nee, misschien niet.'
'Nou, houd dan je mond tot Nina zich bij ons aansluit.'
'Ja, dat moet lukken.'
'Mooi zo.'
'Maar ik heb dus over je gedroomd.'
'Wie?'
'Ik.'
'Wanneer?'
'Vannacht.'
'Heus?'
'Ja.'
'Over mij?'
'Over jou.'
VERTALING
WINNAAR PROFS: HILDA SCHRAA
'Ik hou wel van dit soort datums: de zevende
van de zevende, de achtste van de achtste
dat idee.'
'Dat begrijp ik.'
'Nee, je begrijpt het niet, jij begrijpt nooit iets.'
'Nou, deze keer daarom wel
. zevenendertig.'
'Geef 'ns een voorbeeld.'
'Jij houdt van
achtendertig!'
'Hou op met tellen.'
'Jij houdt van
zevenentwintig december!'
'Gerruso.'
'Heb ik het geraden?'
'Je weet niet half wat voor een hekel ik aan je heb.'
'Alleen maar omdat ik er naast zat? Het is een mooie datum, zevenentwintig
december.'
'Het heeft helemaal niks te maken met wat ík zei! De zevende van
de zevende, snap je? De achtste van de achtste, de negende van de negende
en
'
'Het is Nina d'r verjaardag, zevenentwintig december.'
'Serieus?'
'Ja. Negenendertig!'
'Gerruso, hou op met hoertjes tellen.'
'Veertig! Maar hoeveel zijn het er wel niet?
'Veel.'
'Hoe komt dat?'
'Er is veel behoefte aan liefde.'
'Ik ga liever naar Mondello dan naar Capo Gallo, daar heb je ten minste
zand.'
'Ik wist het, je bent een watje. Zand is voor meiden, een echte man houdt
van rotsen en klippen. Wanneer ben je nou eens van plan volwassen te worden?'
'Snel, als jij het me leert.'
'En waarom zou ik het je moeten leren?'
'We zijn vrienden, Davidù.'
'Gerruso, wij zijn geen vrienden. Heb je dat?'
'Ja.'
'Nou, laat eens horen, dan!'
'Wij zijn geen vrienden, eenenveertig!'
'Gerruso. Wat is er? Waarom kijk je zo naar me?'
'Nina.'
'Wat heeft Nina er mee te maken?'
'Vind je haar leuk?'
'Wie? Wat? Gerruso, wat heb je tegen d'r gezegd toen je belde? Vertel me
het hele gesprek van a tot z! Nu! Wat heb je haar verteld? Dat ik haar leuk
vind? Heeft zij het tegen jou gezegd? Vindt Nina míj leuk? Wat heeft
ze je gezegd? Heb je haar meegevraagd naar Capo Gallo en meer niet, zoals
ik je gezegd had, of dee' je zoals gewoonlijk weer je eigen zin? Wat hebben
jullie gezegd? Vindt ze me leuk? Geef antwoord, Gerruso, Jezus!'
'Precies zoals jij het me gezegd hebt, zo heb ik het gedaan.'
'Zeker weten?'
'Ja.'
'Heel zeker?'
Ik wipte op mijn tenen heen en weer en ontdekte hoe moeilijk het was het
juiste evenwicht te bewaren in een bus in beweging.
'Nee.'
'Nee? Wat nee? Nee?'
'Nee.'
'Gerruso. Wat. Lul. Heb je. Nina. Verteld?'
'Ik heb haar meegevraagd naar zee en
tweeënveertig!'
'Hou op met snolletjes tellen en geef antwoord.'
'Ik heb haar gevraagd om ook een vriendin mee te nemen, want aangezien ik
er zou zijn, maar jij ook en om je niet alleen te laten, want Nina is mijn
nichtje en ze geeft om me en misschien trekt ze wel de hele tijd met mij
op, dus heb ik haar gevraagd om een vriendin mee te nemen, voor jou, wie
weet verveel je je dan niet, da's alles.'
Het licht filterde door de verstrengelde takken buiten door het raam van
de bus en tekende licht- en schaduweffecten op Gerruso's gezicht.
'En waarom heb je niks tegen me gezegd?'
'Ik wilde je verrassen'
'Nina komt wel, toch?'
'Ja.'
'Zeker weten?'
'Ja.'
'Hoe weet je dat zo zeker?'
'Het is m'n nichtje, ze geeft om me, echt, maar waarom heb je zoveel belangstelling
voor haar?'
'Wie? Voor haar? Als ik niet eens meer weet hoe ze eruit ziet?'
'Je hebt me beloofd dat je me zou leren duiken.'
'Gerruso, dat is echt niet makkelijk.'
'Je hebt het beloofd. Drieënveertig!'
Na nog twaalf hoertjes, bijgehouden door Gerruso, langs de weg, kwamen we
om 9.15 uur aan op het eindpunt. De afspraak was om 11 uur.
'En wat gaan we nu doen?'
'Wat je maar wilt, als je je mond maar houdt.'
'Wat ga jij doen?'
'Ik hou mijn mond en kijk naar de zee.'
'En wat zie je?'
'Water.'
'Mag ik je wat zeggen?'
'Nee.'
'Jammer, want vannacht
'
'Gerruso, welk deel van "nee" gaat jouw begripsvermogen te boven?'
'Als Nina komt, mag ik dan wel praten?'
'Het hoogst noodzakelijke.'
'Dank je.'
'Alsjeblieft.'
'Nee, maar ik wilde je zeggen dat.'
'Is het zo dringend?'
'Nee, misschien niet.'
'Nou, kop dicht dan tot Nina aan komt zetten.'
'OK, dat gaat wel lukken.'
'Nou, op hoop van zegen!'
'Ik heb van je gedroomd, dat is het.'
'Wie?'
'Ik.'
'Wanneer?'
'Vannacht.'
'Serieus?'
'Ja.'
'Van mij?'
'Van jou.'
**********
Proefabonnementen
Libreria Bonardi is de enige importeur in Nederland van het maandelijks verschijnende
tijdschrift BellItalia (€ 8,-). Neem eens een proefabonnement,
of geef er een cadeau!
Drie nummers voor € 22,- (eventuele verzendkosten € 9,- voor 3x
verzenden).
Speciale
uitgave ter gelegenheid van het 30-jarig bestaan van Bonardi
La mia Olanda - Denkend aan Holland
Tweetalige bundel met verhalen over en herinneringen aan Nederland en
Amsterdam, geschreven door 15 hedendaagse Italiaanse auteurs en vertaald door
17 Nederlandse vertalers. € 17,95.
Speciale
uitgave ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van Bonardi
Het Italiaanse sonnet door de eeuwen heen
Tweetalige bundel met 25 sonnetten, ingeleid door Jean Pierre Rawie. €
10,-
Vrienden van Bonardi
Het opstarten van deze website is mede mogelijk gemaakt door de Vrienden van Bonardi, die wij langs deze weg hartelijk danken voor hun royale steun.
_______________________________
Deze pagina is bijgewerkt op 14 januari 2012